Een bouwbedrijf runnen, leidinggeven aan 25 medewerkers én daarnaast een opleiding volgen. Voor Sander Klein Braskamp was dat het afgelopen jaar de praktijk. De directeur-eigenaar van Bouwbedrijf Beltman volgde de opleiding Vakdiploma Aannemer post-hbo (KOB voor hbo’ers). “Het was soms flink aanpoten, maar ik zou het zeker aanraden.”
Sander begon op zijn veertiende als vakantiekracht bij Bouwbedrijf Beltman. Na zijn mbo-opleiding Bouwkunde en een periode op het hbo kwam hij in 2009 in dienst. Drie jaar geleden nam hij het bedrijf over. Daarmee werd hij de eerste eigenaar buiten de familie van het bouwbedrijf, dat al sinds 1802 bestaat.
“Toen ik begon werkten we met tien mensen. Inmiddels zijn dat er zo’n 25. We doen van alles: renovatie, verbouw, nieuwbouwwoningen en onderhoud. Juist die afwisseling vind ik mooi. We hebben ook gewoon een heel leuk team. Veel collega’s werken hier al jarenlang en staan voor elkaar klaar. Het karakter van een familiebedrijf zit er nog steeds in en dat wil ik graag zo houden.”

Directeur-eigenaar Sander Klein Braskamp van Bouwbedrijf Beltman
Sander volgde anderhalf jaar een hbo-opleiding, maar maakte die niet af. De bouw zat destijds midden in een moeilijke periode en veel studenten haakten af. “En eenmaal aan het werk kwam het er niet meer van.” De aanleiding om zich alsnog verder te scholen kwam vanuit zijn werk. “Hypotheekverstrekkers stelden steeds strengere eisen en we wilden ook aansluiten bij BouwGarant. Toen dacht ik: nu moet ik de juiste papieren halen.”
Een reguliere opleiding van meerdere jaren zag hij niet zitten. Daarom vroeg hij of hij kon instromen in het post-hbo-traject van KOB, voluit KOB Vakdiploma Aannemer Post-hbo B&U. Dat bleek mogelijk.
Het volledige traject duurt één jaar. Er zijn ook lesweekenden met overnachting. Best pittig, zeker naast een eigen bedrijf. “De opdrachten waren soms veel in korte tijd. Je doet het naast je werk en privéleven, dus het is af en toe flink aanpoten.” Toch vond hij dat geen probleem. “Ik presteer juist goed onder druk. Je moet niet denken dat je alles tussen half acht en half vijf kunt doen. Ik werkte regelmatig ’s avonds nog aan opdrachten en op zondagochtend ook.”
Ondanks het hoge tempo kijkt Sander positief terug op de opleiding. Vooral de gesprekken tijdens de lesdagen staan hem bij. “Je leert ontzettend veel van elkaar. Soms gingen de opdrachten aan de kant en bespraken we situaties die bij bedrijven speelden. Dat vond ik misschien nog wel het interessantst.”
Ook de docenten maakten indruk. “Het zijn doorgewinterde aannemers die uit eigen ervaring vertellen hoe zij dingen aanpakken.” De praktijkvoorbeelden werden zo gewaardeerd dat KOB daar volgens Sander in toekomstige edities meer tijd voor wil vrijmaken. “Dat lijkt mij alleen maar goed, want juist die casussen zijn goud waard.”
Veel van de lesstof sloot voor Sander naadloos aan op zijn dagelijkse praktijk.
“Er waren weinig dingen waarvan ik dacht: dat heb ik nog nooit gehoord. Ik werk al jaren in een functie die dicht tegen de inhoud van de opleiding aan zit. Vooral de laatste twee modules (commercieel beleid met opdrachtverwerving en projectmanagement met werkvoorbereiding en realisatie van projecten) waren heel herkenbaar. Daardoor voelde het allemaal heel vanzelfsprekend.”
Het financiële deel van de opleiding leverde Sander veel nieuwe inzichten op. “Daar had ik vooraf minder kennis van.” Ook goede dossiervorming en het vastleggen van afspraken kwamen regelmatig aan bod. “Dat wordt steeds belangrijker. Door de Wet kwaliteitsborging en de toegenomen rechten van opdrachtgevers moet je zaken goed vastleggen. Dat wist ik al, maar tijdens de opleiding werd nog eens extra benadrukt hoe belangrijk dat is.”
Naast zijn werk is Sander bestuurslid van Bouwend Nederland Achterhoek. Daar praat hij mee over regionale thema’s als woningbouw, stikstof en netcongestie. “De eerste jaren moest ik er echt inkomen. Maar inmiddels kan ik volop bijdragen aan zaken die belangrijk zijn voor de sector. Zo hebben wij ons er hard voor gemaakt dat de Achterhoek niet meer als krimpregio wordt gezien. Het is juist een prachtige streek om te wonen.”
Ook voor Bouwbedrijf Beltman heeft hij duidelijke ambities. Groei is daarbij geen doel op zich. “Over twee jaar bestaan we 225 jaar. Dat is voor mij echt een bijzondere mijlpaal. Het bedrijf bestaat al sinds 1802 en ik hoop vooral dat we de stabiliteit kunnen voortzetten die er al generaties lang is.”
Hij ziet zichzelf dan ook niet snel fors uitbreiden. “Als je te groot wordt, komt er weer een extra laag tussen en kun je je minder met het werk bemoeien. Dat past niet echt bij mij.”
Zijn advies aan toekomstige deelnemers? “Ik zou de opleiding zeker aanraden. Je leert natuurlijk van de docenten, maar misschien nog wel meer van je mededeelnemers. Iedereen brengt zijn eigen ervaring mee en daar steek je enorm veel van op. Je moet voor deze opleiding tijd vrijmaken, maar dat is het meer dan waard.”